Online Dictionary    



Dictionary Index

Simplified Chinese  Traditional Chinese  Dutch  English  French  German  Greek  Italian  Japanese  

Korean  Portuguese  Russian  Spanish  Turkish

Dutch Dictionary
A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

A: < Prev 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 Next >

aan iemands oordeel overgelaten worden
aan iemands verwachtingen beantwoorden
aan je
aan jou
aan kracht winnen
aan lager wal
aan lager wal zijn
aan land
aan land gaan
aan land spoelen
aan land zetten
aan lucht blootgesteld
aan mij
aan ommezijde
aan ons
aan plakjes snijden
aan pleuris lijdend
aan repatriatie onderhevig
aan repen snijden
aan rotten zetten
aan scheurbuik lijdend
aan stoot zijn
aan strabisme lijdend
aan stukjes snijden
aan stukken
aan stukken gooien
aan stukken scheuren
aan stukken slaan
aan suikerziekte lijdende
aan tafel
aan te bevelen
aan waarde inboeten
aan wal
aan wal gaan
aan weerskanten
aan wie
Aan wie kan ik het vragen?
aan wind en golven
aan zee
aan zich verplichten
aan zichzelf geadresseerd
aan zijn lot overlaten
aan zijn woord houden
aanaarden
aanbakken
aanbangsel
aanbeeld
aanbeeldsbeentje
aanbeeldsblok
aanbelanden
aanbelang
aanbelangen
aanbellen
aanbenen
aanbesteden
aanbesteding
aanbetalen
aanbetaling
aanbevelen
aanbevelenswaardig
aanbevelenswaardiger
aanbeveling
aanbevelings
aanbevelingsbrief
aanbevolen
aanbiddelijk
aanbidden
aanbiddenswaardig
aanbidder
aanbidder van Satan
aanbidding
aanbidster
aanbidster van Satan
aanbieden
aanbieder
aanbieding
aanbinden
aanbinder
aanblaffen
aanblazen
aanblazing
aanblijven
aanblik
aanblik van iets
aanbod
aanbonzen tegen
aanboren
aanboring
aanbouw
aanbouw-


©2008 Dictionarist.com