Online Dictionary    



Dictionary Index

 Dutch  English  French  German  Greek  Italian  

Portuguese  Russian  Spanish  Turkish

Dutch Dictionary
A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

C: < Prev 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34

concentreren
concentreren op
concentrisch
concept
concept overeenkomst
conceptie
conceptualisme
conceptualist
conceptualistisch
conceptueel
conceptwet
concern
concert
concert van volksmuziek
concertant
concertaria
concertbezoeker
concertbezoekster
concerteer
concerteren
concertganger
concertgangster
concertina
concertmeester
concerto
concertstuk
concertzaal
concessie
concessie verlenen
concessief
concessiehouder
concessiehoudster
concessiepolitiek
concessieve
concessionaris
conchoid
conchyliologie
conchyliologisch
conchylioloog
concierge
conciërge
concies
conciliair
conciliant
conciliatie
concilie
concilie van de ouderen
concilieren
conciliëren
concilium
concipieren
concipiëren
concipiëring
conclaaf
conclave
concluderen
conclusie
conclusie maken
conclusie wettigend
concomitant
concordaat
concordant
concordantie
concorderen
concours
concourshippique
concreet
concreet begrip
concreet bewijs
concreetst
concrement
concretie
concretiseren
concretisering
concreto
concubinaat
concurreer
concurrent
concurrente
concurrentie
concurrentiebeding
concurrentiepositie
concurrentieslag
concurreren
concurreren met
concurrerend
condens
condensaat
condensatie
condensatiewater


©2008 Dictionarist.com