Online Dictionary    



Dictionary Index

 Dutch  English  French  German  Greek  Italian  

Portuguese  Russian  Spanish  Turkish

Dutch Dictionary
A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

O: < Prev 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 45 46 47 48 49 50 51 52 53 54 55 Next >

onoperabel
onopgehelderd
onopgelost
onopgemaakt
onopgemerkt
onopgesierd
onopgesmukt
onopgevoed
onopgevoedheid
onophoudelijk
onophoudelijk roken
onoplettend
onoplettendheid
onoplosbaar
onoplosbaarheid
onopmerkzaam
onoprecht
onoprechtheid
onopvallend
onopvallende afzetting
onopvoedbaar
onopzettelijk
onordelijk
onordelijk maken
onordelijkheid
onorthodox
onoverdekte tribune
onovergankelijk
onoverkomelijk
onoverkomelijkheid
onovertrefbaar
onovertroffen
onoverwinnelijk
onoverwinnelijkheid
onoverwonnen
onoverzienbaar
onpaar
onpartijdig
onpartijdigheid
onpasselijk
onpasselijk zijn
onpasselijkheid
onpeilbaar
onpeilbaarheid
onpersoonlijk
onpersoonlijkheid
onplezierig
onpolitiek
onpopulair
onpractisch
onpraktisch
onpraktisch zijn
onprettig
onproductief
onproduktief
onproduktiviteit
onpubliserend
onraad
onraadzaam
onraadzaamheid
onrealistisch
onrecht
onrecht aandoen
onrechtmatig
onrechtmatige daad
onrechtpleger
onrechtstreeks
onrechtvaardig
onrechtvaardig tegen
onrechtvaardig verkregen
onrechtvaardige daad
onrechtvaardigheid
onrechtzinnig
onrechtzinnigheid
onredelijk
onredelijkheid
onregeld
onregelmatig
onregelmatige
onregelmatigheid
onrein
onreinheid
onrijm
onrijp
onrijpheid
onroerend
onroerend goed
onroerende goederen
onrust
onrust stoken


©2008 Dictionarist.com