Online Dictionary    



Dictionary Index

 Dutch  English  French  German  Greek  Italian  

Portuguese  Russian  Spanish  Turkish

Dutch Dictionary
A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

T: < Prev 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Next >

te duur betalen
Te duur.
te eenvoudig voorstellen
te eigen bate
te eten geven
te gaar
te gaar koken
te gedetailleerd
te gek
te geld maken
te geldemaking
te gelegener tijd
te goeder trouw
te grabbel gooien
te gronde gaan
te gronde richten
te groot
te groot kapitaal hebben
te groot voogdij
te groot worden
te grote aanhanging
te grote dosis
te grote dosis geven
te grote inspanning
te grote voorraad
te grote zorg
te handhaven
te hard
te hard laten werken
te hard opwinden
te hard rijden
te hard werken
te herkennen
te herstellen
te hoge idee hebben van
te hoge raming
te hoge schatting
te hoog
te hoog aanslaan
te hoog over
te hoog schatten
te hoop lopen
te hulp komen
te hulp roepen
te huur
te innen
te juister tijd
te kampen hebben met
te keer gaan
te keer gaan tegen
te kennen
te kennen geven
te klein
te koop
te koop aanbieden
te koop lopen met
te kort
te kort belichten
te kort doen aan
te kort duren
te kort komen
te kort schieten
te kort schieten in
te korte belichting
te krijgen
te laag aanslaan
te laag schatten
te laat
te laat komen
te laat zijn
te land
te lang
te lang blijven
te lang blootstellen
te lang doorslapen
te lang slapen
te leen
te licht
te licht bevonden worden
te lijden hebben
te lijf gaan
te loftrompet steken over
te loor gaan
te matigen
te meer
te midden van
te mijnent
te moeilijk doen voor
te nadrukkelijk acteren
te niet doen


©2008 Dictionarist.com