Online Dictionary    



Dictionary Index

Simplified Chinese  Traditional Chinese  Dutch  English  French  German  Greek  Italian  Japanese  

Korean  Portuguese  Russian  Spanish  Turkish

Dutch Dictionary
A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

W: < Prev 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 Next >

wandelwagen
wandelwagentje
wandelweg
wandgedierte
wandluis
wandschildering
wandtapijt
wandversiering
wang
wangedrag
wangedrocht
wangeluid
wangkuiltje
wangspier
wangunstig
wangzak
wangzakeekhoorn
wanhoop
wanhoopskreet
wanhoopt
wanhopen
wanhopen aan
wanhopig
wanhopig worden
wanhopige
wanhopige onderneming
wanhopigheid
wankel
wankelbaar
wankelen
wankelend
wankeler
wankelheid
wankelmoedig
wanklank
wanklinkend
wanluidend
wanmolen
wanneer
Wanneer doet het pijn?
Wanneer gaat de volgende bus naar New York?
Wanneer gaat deze winkel dicht?
Wanneer is de volgende rondleiding?
Wanneer is het gebeurd?
Wanneer is het spreekuur?
Wanneer is mijn kleding klaar?
Wanneer komt de vlucht aan?
Wanneer krijgt u weer nieuwe voorraden?
wanneer ook
Wanneer vertoont u de film?
Wanneer vertrekt de vlucht?
Wanneer vertrekt de volgende?
Wanneer voelde u zich niet goed?
Wanneer zet ik de vuilnis buiten?
Wanneer zijn de foto's klaar?
Wanneer zijn mijn kleren klaar?
wanneer?
wannen
wanorde
wanorde scheppen
wanordelijk
wanordelijketijd
wanschapen
wansmaak
wanstaltig
want
wantoestand
wantrouwen
wantrouwend
wantrouwig
wantrouwig staan tegenover
wantrouwigste
wantstaltigheid
wanverhouding
WAO
wapen
wapen-
wapenbroeder
wapendemontering
wapenen
wapenfeit
wapenkamer
wapenkunde
wapenkundig
wapenloos
wapenmagazijn
wapenmeester
wapenrusting
wapens
wapenschild


©2008 Dictionarist.com