Definitions and translations for "zich voordoen"

Dutch - English - zich voordoen

Pronunciation
v. present oneself, present, occur, emerge, pose, attitudinize

Dutch - French - zich voordoen

Pronunciation
(gebeurtenis) intervenir; survenir
Share this page
Dictionary Extension
Synonyms for zich voordoen
1. gebeuren: geschieden, plaatsvinden, voorkomen
2. opduiken: verschijnen, zich vertonen
3. optreden: zich manifesteren
4. voorkomen: bestaan, gebeuren
5. rijzen: ontstaan, opkomen